s
STAPPENPLAN   EEN ONTBIJT MAKEN VOOR MOEDERDAG


1
B I U
Morgen is het Moederdag.
Ik ga deze dag voorbereiden.
Morgen is het Moederdag.
Ik ga deze dag voorbereiden.
2
B I U
Stap 1
De dag voor Moederdag denk ik na over hoe ik mijn moeder morgen wil verwennen.
[b]Stap 1[/b]
De dag voor Moederdag denk ik na over hoe ik mijn moeder morgen wil verwennen.
3
B I U
Ik wil morgenochtend een ontbijt op bed voor haar maken.
Zo doe ik dit:
a. Ik denk erover na wat mijn moeder meestal eet bij het ontbijt zodat ik iets klaar maak wat zij lekker vindt.
b. Ik maak een lijstje met wat ik daarvoor nodig heb.
Ik wil morgenochtend een ontbijt op bed voor haar maken.
Zo doe ik dit:
a. Ik denk erover na wat mijn moeder meestal eet bij het ontbijt zodat ik iets klaar maak wat zij lekker vindt.
b. Ik maak een lijstje met wat ik daarvoor nodig heb.
4
B I U
Bijvoorbeeld:
- 1 glas met sinaasappelsap
- Drie broodjes
- Boter en plakjes kaas
- Een gekookt ei
- Een banaan

(lijstje invullen)
Bijvoorbeeld:
- 1 glas met sinaasappelsap
- Drie broodjes
- Boter en plakjes kaas
- Een gekookt ei
- Een banaan

([i]lijstje invullen[/i])
5
B I U
c. Ik kijk in de keuken of alles aanwezig is wat ik morgenochtend nodig heb.
d. Ik vraag aan mijn vader of ik boodschappen mag doen als niet alles
aanwezig is voor het ontbijt.
c. Ik kijk in de keuken of alles aanwezig is wat ik morgenochtend nodig heb.
d. Ik vraag aan mijn vader of ik boodschappen mag doen als niet alles
aanwezig is voor het ontbijt.
6
B I U
Stap 2
Ik denk erover na of ik morgenochtend hulp nodig heb bij het uitvoeren van de activiteit.
[b]Stap 2[/b]
Ik denk erover na of ik morgenochtend hulp nodig heb bij het uitvoeren van de activiteit.
7
B I U
A Ik heb hulp nodig.
Ik vraag hulp aan een broer of zus of aan mijn vader.

Ik vraag: '(naam broer of zus), ik wil morgenochtend graag een
ontbijt op bed voor mama maken. Dat vind ik best lastig. Wil jij me helpen?'

B Ik heb geen hulp nodig.
A Ik heb hulp nodig.
Ik vraag hulp aan een broer of zus of aan mijn vader.

Ik vraag: '(naam broer of zus), ik wil morgenochtend graag een
ontbijt op bed voor mama maken. Dat vind ik best lastig. Wil jij me helpen?'

B Ik heb geen hulp nodig.
8
B I U
Stap 3
Om mijn moeder met mijn plan te kunnen verrassen, sta ik morgen eerder op dan mijn moeder.
Ik denk na over hoeveel tijd ik nodig heb voor het uitvoeren van de activiteit.
[b]Stap 3[/b]
Om mijn moeder met mijn plan te kunnen verrassen, sta ik morgen eerder op dan mijn moeder.
Ik denk na over hoeveel tijd ik nodig heb voor het uitvoeren van de activiteit.
9
B I U
Stap 4
Ik zet mijn wekker.

Bijvoorbeeld: Moeder staat in het weekend meestal om 09.00 uur op.
Ik heb een half uur nodig om de tafel te dekken.
Ik zet mijn wekker dus op 08.30 uur.

(invullen hoe laat ik mijn wekker zet)
[b]Stap 4[/b]
Ik zet mijn wekker.

Bijvoorbeeld: Moeder staat in het weekend meestal om 09.00 uur op.
Ik heb een half uur nodig om de tafel te dekken.
Ik zet mijn wekker dus op 08.30 uur.

([i]invullen hoe laat ik mijn wekker zet[/i])
10
B I U
Stap 5
Nadat mijn moeder het ontbijt heeft opgegeten, was ik het vuile servies af.
[b]Stap 5[/b]
Nadat mijn moeder het ontbijt heeft opgegeten, was ik het vuile servies af.