s
STAPPENPLAN   HOE GEEF IK KRITIEK?


1
B I U
Ik geef iemand kritiek.
Ik geef iemand kritiek.
2
B I U
Stap 1
Ik wil kritiek geven aan:

Bijvoorbeeld mijn moeder.
Of bijvoorbeeld: aan mijn vriend.

(invullen aan wie)
[b]Stap 1[/b]
Ik wil kritiek geven aan:

Bijvoorbeeld mijn moeder.
Of bijvoorbeeld: aan mijn vriend.

([i]invullen aan wie[/i])
3
B I U
Stap 2
Ik bedenk een rustige plek waar ik de kritiek kan geven.

Bijvoorbeeld: Ik geef mijn kritiek op de gang of in een hoek van de ruimte.
Of bijvoorbeeld: Als ik met mijn vriend op zijn kamer aan het gamen ben, kan ik de kritiek gelijk geven.

(invullen waar)
[b]Stap 2[/b]
Ik bedenk een rustige plek waar ik de kritiek kan geven.

Bijvoorbeeld: Ik geef mijn kritiek op de gang of in een hoek van de ruimte.
Of bijvoorbeeld: Als ik met mijn vriend op zijn kamer aan het gamen ben, kan ik de kritiek gelijk geven.

([i]invullen waar[/i])
4
B I U
Stap 3
a. Ik bedenk waar ik precies kritiek op wil geven.

Bijvoorbeeld: 'Ik heb er last van dat je zo hard praat'.

Of bijvoorbeeld: 'Ik vind het vervelend dat jij de hele tijd aan het gamen bent'.
[b]Stap 3[/b]
a. Ik bedenk waar ik precies kritiek op wil geven.

Bijvoorbeeld: 'Ik heb er last van dat je zo hard praat'.

Of bijvoorbeeld: 'Ik vind het vervelend dat jij de hele tijd aan het gamen bent'.
5
B I U
b. Ik bedenk waarom ik last heb van het gedrag.

Bijvoorbeeld: 'Ik ben aan het bellen en kan de ander aan de telefoon niet goed verstaan'.
Of bijvoorbeeld: 'Als jij steeds achter de computer zit, kom ik niet aan de beurt om te gamen'.

(invullen waar ik mij aan stoor en waarom)
b. Ik bedenk waarom ik last heb van het gedrag.

Bijvoorbeeld: 'Ik ben aan het bellen en kan de ander aan de telefoon niet goed verstaan'.
Of bijvoorbeeld: 'Als jij steeds achter de computer zit, kom ik niet aan de beurt om te gamen'.

([i]invullen waar ik mij aan stoor en waarom[/i])
6
B I U
Stap 4
Ik bedenk wat ik van de ander wel graag zou willen zien.

Bijvoorbeeld: 'Als je wat zachter praat, kan ik de ander aan de telefoon beter verstaan'.
Of bijvoorbeeld: 'Ik zou het fijn vinden als we om de beurt 20 minuten achter de computer kunnen'.

(invullen welk gedrag ik graag zou willen zien)
[b]Stap 4[/b]
Ik bedenk wat ik van de ander wel graag zou willen zien.

Bijvoorbeeld: 'Als je wat zachter praat, kan ik de ander aan de telefoon beter verstaan'.
Of bijvoorbeeld: 'Ik zou het fijn vinden als we om de beurt 20 minuten achter de computer kunnen'.

([i]invullen welk gedrag ik graag zou willen zien[/i])
7
B I U
Stap 5
Als de ander boos wordt, blijf ik rustig.

Ik zeg bijvoorbeeld: 'Het was niet onaardig bedoeld'.

(invullen van een reactie)
[b]Stap 5[/b]
Als de ander boos wordt, blijf ik rustig.

Ik zeg bijvoorbeeld: 'Het was niet onaardig bedoeld'.

([i]invullen van een reactie[/i])
8
B I U
Stap 6
Ik voer dit stappenplan uit.
Ik geef de ander de gelegenheid om te reageren op mijn kritiek.
[b]Stap 6[/b]
Ik voer dit stappenplan uit.
Ik geef de ander de gelegenheid om te reageren op mijn kritiek.